In het federale parlement werd een ontwerp van programmawet aangenomen op basis waarvan elke werknemer die is aangesteld als pleegouder door een officiële instantie, en die naar aanleiding van een plaatsing van een kind in het kader van langdurige pleegzorg een kind in zijn gezin opneemt, ten aanzien van dit kind met betrekking tot het ouderschapsverlof dezelfde rechten krijgt als de werknemer die ouder is van een kind. Tijdens dit verlof is er recht op een onderbrekingsuitkering van de RVA.
Met betrekking tot dit recht op ouderschapsverlof gelden dezelfde voorwaarden en regels als deze die op vandaag van toepassing zijn op werknemers die ouder zijn van een kind, met uitzondering van een aantal aspecten die gelinkt zijn aan de specifieke context van het pleegouderschap en de langdurige pleegzorg.
De betrokken bepalingen van de programmawet viseren zowel de werknemers uit de privésector als de personeelsleden van de openbare sector.
Let op! Het ontwerp van programmawet bepaalt dat dit recht voor pleegouders in werking treedt op 1 juli 2025. Zolang de betrokken wet evenwel niet is gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, kunnen werknemers nog geen gebruik maken van dit recht. Van zodra de betrokken wet gepubliceerd is in het Belgisch Staatsblad, zal deze website daar via een nieuwsbericht melding van maken.
Voor informatie over het recht op uitkeringen tijdens het ouderschapsverlof voor pleegouders verwijzen we naar de website van de RVA.
Bron
Ontwerp van programmawet (DOC 56K0909), Titel V, Hoofdstuk 2 (artikelen 217 t.e.m. 219) – zie: www.dekamer.be.
Wettelijke basis
Herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen, artikel 105.