Op deze pagina
Artikel 2 - Doelstellingen
Algemeen
Een bonusplan moet minstens één doelstelling vastleggen die moet behaald worden tijdens een referteperiode van minstens 3 maanden om recht te hebben op de bonus.
Elke doelstelling die vastgelegd wordt in een bonusplan moet beantwoorden aan de volgende voorwaarden:
- Ze moet duidelijk aflijnbaar en transparant zijn;
- Ze moet objectief meetbaar en verifieerbaar zijn;
- Ze moet collectief zijn;
- Ze moet de verwezenlijking van een concreet resultaat beogen;
- De verwezenlijking moet gebeuren tijdens een periode die minstens 3 maanden duurt;
- De verwezenlijking moet kennelijk onzeker zijn.
Duidelijk aflijnbaar en transparant
De doelstellingen die in een bonusplan worden vastgelegd moeten op een voldoende duidelijke en gedetailleerde wijze worden omschreven. Summiere, subjectieve en algemene omschrijvingen horen niet thuis in een bonusplan.
Welke doelstellingen er moeten behaald worden moet niet enkel voor de betrokken werknemers duidelijk zijn, dit moet eveneens het geval zijn voor de controlerende instanties (het bevoegde paritair comité, de bevoegde ambtenaar, de inspectiediensten van de RSZ en het Toezicht op de Sociale Wetten en de fiscus).
Indien er bij de omschrijving van de doelstelling wordt gebruik gemaakt van afkortingen en/of technische termen moeten deze in het bonusplan worden toegelicht. Als er een bepaald budget moet worden behaald of niet mag worden overschreden moet het concrete bedrag in EUR in het bonusplan worden opgenomen.
Objectief meetbaar en verifieerbaar
Dat de doelstelling objectief meetbaar moet zijn betekent dat er cijfermatige parameters moeten worden vastgelegd, zoals een te behalen bedrag in EUR of een te behalen aantal.
Dat de doelstelling daarenboven objectief verifieerbaar moet zijn betekent dat de verwezenlijking niet mag gestoeld zijn op subjectieve criteria die voor interpretatie vatbaar zijn en niet afhankelijk mag zijn van het (subjectieve) oordeel van een bepaald persoon.
De verwezenlijking moet blijken uit formeel vastgelegde documenten, bijvoorbeeld de goedgekeurde jaarrekening of btw-aangiftes. Deze gegevens moeten in voorkomend geval aan de bevoegde inspectiediensten voorgelegd worden om aan te tonen dat de doelstellingen werden verwezenlijkt tijdens de referteperiode en dat de bonussen bijgevolg terecht werden toegekend aan de betrokken werknemers.
Collectief
In een bonusplan kunnen uitsluitend collectieve doelstellingen worden vastgelegd. Het is niet toegelaten om individuele doelstellingen vast te leggen.
Dit betekent dat er geen rekening mag worden gehouden met de individuele prestaties van de betrokken werknemers om de bonus al dan niet toe te kennen.
Indien het bonusplan van toepassing is op verschillende functies, afdelingen of winkels is het enkel mogelijk om afzonderlijke doelstellingen vast te leggen per functie, afdeling of winkel indien er per functie, afdeling of winkel meerdere betrokken werknemers zijn. In dat geval moet in artikel 1 van het bonusplan het aantal betrokken werknemers meegedeeld worden per functie, afdeling of winkel en moet dat aantal telkens minstens 2 zijn.
Verwezenlijking van een concreet resultaat
De doelstellingen moeten betrekking hebben op collectieve resultaten (die objectief meetbaar en verifieerbaar moeten zijn) en niet op de collectieve prestaties van de betrokken werknemers. Dit vloeit voort uit de benaming van het bonusstelsel - het gaat om niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen - en uit de in artikel 3 van de cao nr. 90 bepaalde definitie van deze voordelen: “de voordelen gebonden aan de collectieve resultaten van een onderneming of van een groep van ondernemingen ofwel van een welomschreven groep van werknemers”.
Aangezien de toekenning van de bonus uitsluitend mag gekoppeld worden aan het behalen van een objectief meetbaar en verifieerbaar collectief resultaat mag de omschrijving van de doelstelling niet neerkomen op prestaties of inspanningen die door de werknemers moeten worden geleverd. De prestaties van de werknemers zijn immers enkel de inspanningen die moeten worden geleverd om de collectieve resultaten te kunnen behalen, maar vormen geen collectieve resultaten op zich.
Hieronder wordt dit onderscheid verduidelijkt aan de hand van een aantal concrete voorbeelden:
- Het behalen van een collectief resultaat kan erin bestaan het aantal arbeidsongevallen te verminderen of te herleiden tot nul. De deelname aan opleidingen om op een veiligere manier om te gaan met heftrucks kan echter niet opgenomen worden als doelstelling. Dit vormt immers slechts een middel om het collectief resultaat te kunnen behalen, met name het verminderen van het aantal arbeidsongevallen. De bonus kan worden toegekend wanneer het aantal arbeidsongevallen is gedaald of herleid tot nul, niet omdat een bepaald aantal werknemers een heftruckopleiding heeft gevolgd. Het volgen van een opleiding is immers geen collectief resultaat op zich, het is slechts een inspanning die kan bijdragen tot het behalen van de concrete doelstelling.
- De bonus kan eveneens worden toegekend wanneer een welbepaalde bedrijfskost (uitgedrukt in een bedrag in EUR) is gedaald, maar niet omdat de betrokken werknemers tijdens de uitvoering van hun werk minder fouten maken. Het beperken van fouten is immers geen collectief resultaat op zich, het is slechts een inspanning die kan bijdragen tot het behalen van de concrete doelstelling (de vermindering van de kosten gemaakt naar aanleiding van de fouten).
- Het behalen van een collectief resultaat kan er ook in bestaan dat er zich tijdens de referteperiode geen succesvolle cyberaanval mag voordoen, waarbij bepaald wordt wat er bedoeld wordt met “succesvolle cyberaanval” (bijvoorbeeld: “De aanval leidt tot rechtstreekse herstelkosten (IT, forensisch onderzoek, gegevensherstel, externe ondersteuning) van meer dan €10.000 en de aanval moet verplicht gemeld worden aan een externe toezichthouder of autoriteit, zoals de Gegevensbeschermingsautoriteit of Centrum voor Cybersecurity België (CCB).”). Er kan echter geen bonus toegekend worden omdat minder dan 10% van de werknemers hun login-gegevens verstrekt tijdens phishingmail-tests.
- De toekenning van de bonus kan gekoppeld worden aan het behalen van een bepaalde klantentevredenheid, maar niet aan de inspanningen en prestaties die tot meer tevredenheid bij de klanten kunnen leiden (zoals het respecteren van leveringstermijnen, het tijdig behandelen van tickets, …).
Opgelet: Opdat een klantentevredenheidsdoelstelling in overeenstemming zou zijn met de cao nr. 90 moet ze opgesteld zijn overeenkomstig de volgende principes:
- Er moet bepaald worden op welke wijze de klanten bevraagd zullen worden naar hun tevredenheid (Via een elektronische applicatie? Via een papieren document?) en wanneer zij zullen worden bevraagd (Telkens wanneer ze in contact komen met de onderneming? Naar aanleiding van een specifieke gebeurtenis? Periodiek?).
- Er moet bepaald worden op welke wijze de scores worden toegekend, bijvoorbeeld door middel van een blanco formulier waarop de toe te kennen scores worden vermeld, toe te voegen aan het bonusplan.
- Er moet bepaald worden dat de te behalen score een gemiddelde betreft van alle tijdens de referteperiode gegeven scores.
- Opdat dergelijke doelstelling effectief betrekking zou hebben op de resultaten behaald tijdens de betrokken referteperiode is het noodzakelijk dat er voldoende klanten worden bevraagd en dat deze op regelmatige tijdstippen tijdens de referteperiode worden bevraagd.
Verwezenlijking tijdens een referteperiode van minstens 3 maanden
De cao nr. 90 bepaalt dat de referteperiode waarop de doelstelling betrekking heeft minstens 3 maanden moet duren en het mogelijk moet maken te bepalen op welk ogenblik de doelstelling moet behaald worden.
Aangezien de referteperiode minstens 3 maanden moet duren kan een bonusplan geen doelstellingen vastleggen met een dagelijks, wekelijks of maandelijks karakter of voor een periode die korter is dan 3 maanden.
Een bonusplan kan bijvoorbeeld als doelstelling bepalen dat een omzet van 75.000 EUR dient behaald te worden tijdens een referteperiode die loopt van 1 januari tot en met 31 maart van een bepaald kalenderjaar. De referteperiode maakt het mogelijk te bepalen op tijdens welke periode de doelstelling moet bereikt worden. In voormeld voorbeeld is dit tijdens het eerste kwartaal van het kalenderjaar.
Aangezien de referteperiode minstens 3 maanden moet duren, kan niet bepaald worden dat er een omzet van 25.000 EUR moet behaald worden op 31 januari, op 28 februari en op 31 maart van het betrokken kalenderjaar. Dit zou immers betekenen dat er per maand moet nagegaan worden of de doelstelling is behaald, waardoor de referteperiode telkens slechts een maand zou duren, en niet minstens 3 maanden.
Verwezenlijking moet kennelijk onzeker zijn
De verwezenlijking van de doelstelling moet kennelijk onzeker zijn. Dit betekent dat de betrokken werknemers niet automatisch recht hebben op de bonus. Het behalen van de doelstelling moet voldoende uitdagend zijn. Om dit aan te tonen is het aangewezen om het resultaat dat behaald werd tijdens de voorgaande periode mee te delen in het bonusplan.
Indien de te behalen doelstelling lager zou liggen dan het voorgaande resultaat of zou neerkomen op een behoud van het voorgaande resultaat, kan de werkgever op een voldoende duidelijke en overtuigende wijze in het bonusplan toelichten waarom de verwezenlijking van de doelstelling, niettegenstaande het voorgaande resultaat, kennelijk onzeker is gelet op de concrete omstandigheden.
Het is mogelijk om in een bonusplan te bepalen dat de bonus wordt toegekend wanneer de doelstelling slechts gedeeltelijk verwezenlijkt is (bijvoorbeeld voor slechts 80%), op voorwaarde dat deze gedeeltelijke verwezenlijking eveneens kennelijk onzeker is.
Opgelet: Aangezien de (gedeeltelijke) verwezenlijking van de doelstelling kennelijk onzeker moet zijn, kan niet in een bonusplan worden bepaald dat de werknemers recht hebben op een bonus in functie van het realisatiepercentage van de doelstelling. Dit zou immers voor gevolg hebben dat van zodra de doelstelling voor 1% is verwezenlijkt, de werknemers recht hebben op een bepaalde bonus.
Uitgesloten doelstelling
In een bonusplan kunnen geen doelstellingen worden vastgelegd die gekoppeld zijn aan de koers van de aandelen van de onderneming.
Doelstellingen met betrekking tot het welzijn en de mobiliteit van werknemers
Dergelijke doelstellingen kunnen slechts opgenomen worden in een bonusplan wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan.
De doelstellingen met betrekking tot het welzijn van de werknemers op het werk, zoals de vermindering van het ziekteverzuim of het aantal arbeidsongevallen, kunnen alleen maar worden opgenomen wanneer de werkgever voor de referteperiode voldoet aan de bepalingen van de artikelen I.2.8 tot 10 van de Codex over het welzijn op het werk.
De doelstellingen met betrekking tot de vermindering van het aantal afwezigheidsdagen moeten de doelstellingen en acties insluiten die zijn bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 72 van de Nationale Arbeidsraad betreffende het beleid ter voorkoming van stress door het werk (met name de specifieke aanpak van stressrisico’s).
De doelstellingen in verband met mobiliteit zijn enkel toegelaten indien fietsvergoedingen worden toegekend aan werknemers die de fiets gebruiken voor hun woon-werkverkeer.
Opgelet: Indien doelstellingen met betrekking tot het welzijn van de werknemers op het werk worden opgenomen moet in het bonusplan verplicht vermeld worden dat er een preventieplan bestaat in de onderneming, en moeten het globale preventieplan en het lopende jaaractieplan samen met het bonusplan, toegezonden worden aan de griffie van de algemene directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.
Voorbeelden van een correcte omschrijving van een doelstelling
Voorbeeld 1:
“Tijdens de referteperiode moet een omzet behaald worden van 100.000 EUR. Tijdens dezelfde periode van het voorgaande jaar werd een omzet behaald van 80.000 EUR.”
Voorbeeld 2:
“Tijdens de referteperiode mogen er zich maximaal 2 arbeidsongevallen voordoen. Tijdens dezelfde periode van het voorgaande jaar hebben zich 4 arbeidsongevallen voorgedaan.”
Wijziging van de te bereiken niveaus
Op voorwaarde dat het bonusplan gesloten is voor onbepaalde duur of meerdere referteperiodes bevat en voorziet in een bijzondere procedure kan het te bereiken niveau van de doelstelling worden gewijzigd voor een toekomstige referteperiode.
Het gewijzigde niveau moet worden meegedeeld aan de betrokken werknemers, de voorzitter van het bevoegd paritair comité en de griffie.
Wanneer een bonusplan wordt ingevoerd via collectieve arbeidsovereenkomst kunnen ook de te bereiken doelstellingen gewijzigd worden.
Opgelet: De wijzigingen kunnen enkel betrekking hebben op de toekomst, en dus niet op een referteperiode die verstreken of aan de gang is.
Dit betekent concreet dat:
- Voor zover de geregistreerde cao voorziet in een procedure tot wijziging van de niveaus en/of doelstellingen, die wijzigingen neergelegd moeten worden bij de griffie vóór de aanvang van de nieuwe referteperiode;
- Voor zover de toetredingsakte voorziet in een wijzigingsprocedure van de niveaus, die wijzigingen neergelegd moeten worden bij de griffie vóór de aanvang van de nieuwe referteperiode.
Voorbeeld van een procedure om het niveau van de te bereiken doelstellingen te wijzigen
“Overeenkomstig artikel 11, § 2, tweede lid van de cao nr. 90 kan het te bereiken niveau van de in artikel 2 vermelde doelstelling gewijzigd en vastgelegd worden voor een nieuwe referteperiode.
Indien de werkgever van deze mogelijkheid gebruik wenst te maken, dient hij het gewijzigde niveau vóór de aanvang van de nieuwe referteperiode schriftelijk ter kennis te brengen van:
- De betrokken werknemers;
- De voorzitter van het bevoegde paritair comité;
- De griffie van de Algemene Directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen.
De schriftelijke mededeling maakt tenminste melding van volgende zaken:
- De betrokken toetredingsakte in het kader waarvan het niveau van de doelstelling wordt gewijzigd;
- De doelstelling waarvoor het niveau wordt gewijzigd;
- Het gewijzigde niveau van de betrokken doelstelling;
- De periode waarop het gewijzigde niveau betrekking heeft.”