2021 - Integratie van MSA in de globale analyse van de beroepsrisico’s

Hoofdthema

2021 Integratie van de musculoskeletale aandoeningen (MSA) in de globale analyse van de beroepsrisico’s (lopende)

Subthema

De risicoanalyse is de basis van de wetgeving welzijn op het werk en bijgevolg de basis van elk preventiebeleid inzake welzijn op het werk in de onderneming.

Zij wordt gevraagd door de wetgeving voor alle beroepsrisico’s want zij is noodzakelijk voor de bepaling van de preventiemaatregelen.

Een onderzoek uitgevoerd in 2013 op verzoek van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (FOD Werkgelegenheid) (2013 - Interventietypologieën voor preventie van musculoskeletale aandoeningen en psychosociale risico’s) leidde tot de volgende conclusies in verband met de interventietypologieën inzake MSA en PSR:

  • Op basis van de samenstelling van het personeel dat werkt in de externe preventiediensten, zou men ervan kunnen afleiden dat noch de ergonomie noch de psychosociale aspecten de aandacht krijgen die zij verdienen. De gevalstudies tonen ook aan dat de aandacht die wordt besteed aan het welzijn van de werknemers voornamelijk gericht blijft op de arbeidsveiligheid en het gezondheidstoezicht.
  • De weg naar een geslaagde interventie:
    • fase 1: het vertrekpunt, de opsporing van het probleem
    • fase 2: de nodige ondersteuning verkrijgen
    • fase 3: de uitvoering van de interventie
    • fase 4: de conclusie en de opvolging van de interventie
  • Voorstellen voor een beleid betreffende de MSA en PSR:
    • ervoor zorgen dat de ondernemingen meer belang hechten aan de MSA en aan de PSR;
    • een einde maken aan de huidige instelling van de interne preventieadviseurs, die steeds voornamelijk gericht zijn op de veiligheid op het werk;
    • een meer uitgesproken multidisciplianire aanpak bevorderen in de externe preventiediensten.

De wetgeving inzake preventie van psychosociale risico’s (PSR) is regelmatig geëvolueerd en in 2014 werden de PSR gedefinieerd en werden de termen en de risicoanalyse verduidelijkt. Sindsdien treffen onze collega’s van de arbeidsinspectie steeds vaker risicoanalyses inzake PSR aan in de ondernemingen.
 
Wat de musculoskeletale aandoeningen (MSA) betreft, is de wetgeving niet of weinig geëvolueerd sinds de twee Europese richtlijnen die werden gepubliceerd in het begin van de jaren 90: één over het werken met beeldscherm en de andere over het hanteren van lasten. De verschillende pogingen en initiatieven op het niveau van de Europese Commissie om deze twee richtlijnen bij te werken en te moderniseren en om de preventie van MSA uit te breiden tot andere arbeidsactiviteiten of tot andere risicofactoren zijn geen succes geweest.
 
Uit deze vaststellingen blijkt dat de risicoanalyse uitgevoerd in de ondernemingen door hun eigen preventieadviseurs voornamelijk gericht is op de arbeidsveiligheid (gevaarlijke producten, risico’s op brand of explosie, elektrische risico’s, risico’s in verband met machines, vallen…). En het is weliswaar belangrijk om deze risico’s te blijven analyseren want een arbeidsongeval kan tot grote schade leiden voor de werknemer en voor de onderneming. De MSA en de PSR hebben echter de grootste sociale en economische impact, zowel voor de werknemers als voor de ondernemingen of de maatschappij. Zij treffen alle ondernemingen, alle sectoren, alle bedrijfsgroottes en alle functies en beroepen binnen een onderneming. Deze MSA en PSR alleen verklaren 70 à 80% van het absenteïsme op het werk. De prevalenties van MSA en PSR variëren over het algemeen tussen 30 en 50% van de getroffen werknemers.
 
De voornaamste acties die in de ondernemingen worden ondernomen tegen MSA en PSR zijn acties die gericht zijn op de werknemer: sensibilisering, opleiding, lichamelijke conditie… Weinige ervan zijn gericht op collectieve maatregelen betreffende de arbeidsorganisatie, de aanpassing van de arbeidsvoorwaarden, de aanpassing van de werkposten en van de arbeidsmiddelen... Zonder deze acties die gericht zijn op collectieve maatregelen, zijn de acties die gericht zijn op individuele maatregelen over het algemeen weinig efficiënt. Zoals voor alle risico’s, moet de bepaling van collectieve preventiemaatregelen op basis van een risicoanalyse gebeuren.
 
Wanneer een risicoanalyse over MSA bestaat in een onderneming, werd zij vaak uitgevoerd door een preventieadviseur ergonoom van een externe dienst voor preventie en bescherming (EDPB). Zij wordt apart van de « globale » analyse van de onderneming uitgevoerd en met verschillende actoren. De relatie tussen de onderneming en de EDPB is meer een relatie waar de onderneming het probleem afwentelt op de EDPB dan een relatie van regelmatige samenwerking tussen de IDPB van de onderneming en de EDPB. Als aparte analyses volgens de risico’s worden uitgevoerd in een onderneming, kunnen zij tot tegenstrijdige preventiemaatregelen leiden, bijvoorbeeld door de MSA te verminderen ten nadele van de veiligheid of omgekeerd.
 
Als de risicoanalyse uitgevoerd door de onderneming alle risico’s omvatte en dus met inbegrip van de MSA, zou de interventie van een specialist van een EDPB erdoor worden vergemakkelijkt en zou een echte samenwerking kunnen ontstaan tussen de onderneming via haar IDPB en haar EDPB.
 
Hoewel de praktijk in de onderneming van een interne preventieadvsieur voornamelijk gericht is op de veiligheid, zijn in zijn opleiding cursusmodules gewijd aan MSA en PSR voorzien (bijlagen II.4-2 , II.4-3 en II.4-4 van de codex over het welzijn).
 
De doelstelling van deze overheidsopdracht is te bepalen hoe de interne preventieadviseurs van de ondernemingen te helpen om risico’s in verband met MSA op te nemen in hun huidige risicoanalyse. Het opnemen van MSA in de globale risicoanalyse zal het mogelijk maken dat de MSA beter in rekening genomen worden in het preventiebeleid van de onderneming inzake beroepsrisico’s.
 
Het onderzoek moet in elk geval betrekking hebben op het ganse grondgebied van de federale staat.

Timing

2021-2022

Opdrachtgever

Directie van het onderzoek over de verbetering van de arbeidsomstandigheden (DiOVA)

Onderzoeksteam

IBEVE: Contactpersoon: Kristien Selis

Onderzoeksopzet

Doestellingen

De belangrijkste doelstellingen om de ondernemingen te helpen de risico’s in verband met MSA in hun risicoanalyse op te nemen:

  • De factoren bepalen die de integratie van MSA in de interne risicoanalyse uitgevoerd door de onderneming zelf via haar IDPB verhinderen of vergemakkelijken.
  • Eén of meerdere tools ontwikkelen om de preventieadviseur te helpen om de preventie van MSA op te nemen in zijn dagelijkse activiteit. De FOD Werkgelegenheid heeft in de loop van de voorbije jaren talrijke tools ontwikkeld (websites, video’s, publicaties, spelletjes…) om te sensibiliseren en MSA te voorkomen. Het gaat er dus niet om opnieuw een bijkomende gelijkaardige tool te maken. Maar op basis van deze tools en van de identificatie van de faciliterende en blokkerende factoren zal/zullen de tool(s) de preventieadviseur concreet moeten helpen om de MSA op te nemen in de globale risicoanalyse. De vorm van deze tool (methode, checklist...) zal worden bepaald aan de hand van de analyse van de behoeften en de blokkerende (en faciliterende) factoren.
  • Adviseren wanneer en hoe de interne preventieadviseur een beroep zou moeten doen op de preventieadviseur ergonoom van zijn EDPB om mee te werken aan de preventie van MSA in de onderneming. Dit kan ook de vorm aannemen van één van de tools die werden aangehaald in het vorige punt.

Bijkomende inlichtingen

Indien u meer informatie wenst over dit onderzoek, neem dan contact op met DiOVA, E. Blerotstraat 1 - 1070 Brussel, alain.piette@werk.belgie.be.